Gespreksvragen

w

Gebruik deze vragen voor je persoonlijke verwerking, of om een hoofdstuk op kringavonden te bespreken.

;

Help anderen op de weg naar minder; laat ook eens een reactie achter.

Gespreksvragen bij hoofdstuk 1:
Maak me minder onmisbaar / De God van verspilling

 

1. Wat gebeurt er als jij minder gaat doen op je werk, in je gezin, in de kerk?

2. Hoeveel uur slaap jij gemiddeld per nacht? Is dat te weinig, genoeg of te veel?

3. Maak je eigen apronlist.

4. Wat is het verschil tussen gelovigen en hopenden? Hoe zou je jezelf willen noemen?

5. Is er iets waarmee jij moet stoppen?

6. Ken jij iemand, wiens bediening plotseling werd afgebroken? Hoe kijk jij daar nu tegen aan?

7. Welk verschil maakt het voor jou dat God kijkt naar je inzet en niet het resultaat daarvan?

8. Waar maak jij je vaak zorgen over? Voel je je daar beter over als je vanuit Gods perspectief daar naar kijkt?

Gespreksvragen bij hoofdstuk 2:
Maak me minder bijzonder / Je bent buitengewoon gewoon

 

1. Beschrijf je zelf eens in een paar woorden. Hoe ben je tot die conclusies gekomen? Denk je dat je een realistisch beeld van jezelf hebt?

2. Ben jij bijzonder? Waarom (niet)?

3. Heb je wel eens ‘gras moeten eten’? Ofwel, dat God ingreep in je leven omdat je te hoogmoedig werd?

4. Op welke gebieden denk jij beter te zijn dan de meeste anderen?

5. Hoe kun je jezelf aanleren om niet in het water te kijken?

6. Wat zou er gebeuren als jij op verschillende gebieden van je leven middelmatig zou zijn?

7. Wat is het verschil tussen geregeld je eigen waarde inschatten (wat je niet moet doen) en geregeld je eigen gedrag evalueren (wat je wel moet doen)?

Gespreksvragen bij hoofdstuk 3:
Maak me minder vasthoudend / Moedig genoeg om te buigen

 

1. Wanneer heb jij voor het laatst toegegeven dat je fout zat?

2. Wat is een dogmatisch schaap? Ben jij er één?

3. Zou je willen dat de gemeenschap nog steeds zo hecht was als in de middeleeuwen (zie p. 51)? Of zou je je privacy missen?

4. Waarom ben je bang voor kritiek?

5. Voel je je voldaan als je over je geestelijk leven nadenkt, of voel je je dan klein?

6. Heb jij je verhard op bepaalde gebieden?

Gespreksvragen bij hoofdstuk 4:
Maak me minder sterk / De kracht van zwakheid

 

1. Noem eens een paar zwakheden van jezelf op. Kun je aanvaarden dat het geschenken van God zijn?

2. Kunnen er zwakheden zijn in de manier waarop je functioneert die je niet voor jezelf durft toe te geven? Neem even de tijd om hier over na te denken.

3. Zwakheden zijn geen eigenschappen van jezelf, maar omstandigheden waarin je geplaatst bent. Hoe voelt het, om dat te weten?

4. Jouw sterke kanten zijn geen eigenschappen van jezelf, maar omstandigheden waarin je geplaatst bent. Hoe voelt het, om dat te weten?

5. Herinner jij je momenten dat je jaloers was en/of de competitie aanging met anderen?

6. Is het oké als we ons hele leven lang binnen onze comfort zone blijven?

7. Wat is er nodig om binnen jouw gezin, kring, werk en kerk een “lawine van openheid en kwetsbaarheid” te veroorzaken?

Gespreksvragen bij hoofdstuk 5:
Laat me minder heersen / Verborgen dienstbaarheid als stage

 

1. Welke dingen doe je geregeld waar je geen eer voor krijgt en waar je zelf ook niets aan hebt?

2. Welke dingen, waar je geen eer voor krijgt en waar je zelf ook niets aan hebt, zou je nog meer kunnen doen?

3. Is er ruimte in je agenda voor momenten van verborgen dienstbaarheid? Zo niet, wat zou je dan kunnen schrappen?

4. Soms vraag ik een ander niet om hulp omdat ik niet bij hem of haar in het krijt wil staan. Herken je dat? En wat vind je daarvan?

5. Voor welke persoon bid jij het meest? Wat zegt dat over jouw prioriteiten?

6. Welk schort vind je het lastigst om te dragen: die van het bidden, die van het volgen of die van het zwijgen?

Gespreksvragen bij hoofdstuk 6:
Laat me minder opklimmen / Vrijwillig achterblijven

 

1. Aan welke criteria moet een leven van hoge kwaliteit voldoen, volgens jou?

2. “Wie geestelijk wil opklimmen, moet vaker wel dan niet maatschappelijk afdalen.” Ben je het daar mee eens?

3. Kun je meer voor Gods Koninkrijk betekenen als je veel verdient of een hoge maatschappelijke positie bekleedt?

4. Hoe vaak ben je boos? Geïrriteerd? Gefrustreerd? Gestresst? Waar komt het uit voort?

5. Is jouw succes of carrière een risico voor jouw geestelijk leven?

6. Kun je er mee leven dat je vrienden carrière maken en jij daarin achterblijft?

7. Wat is het verschil tussen succesvol zijn en tot je doel komen?

Gespreksvragen bij hoofdstuk 7:
Laat me minder vrij zijn / Het klooster van relaties

 

1. Verandert jouw opstelling binnen je familie- en vriendschapsrelaties door het besef dat het in feite een soort “verbonden” zijn?

2. Wat waren voor jou de redenen om je aan te sluiten bij je kerk? En wat zijn je redenen om bij die kerk te blijven?

3. Op welke manier investeer jij op dit moment in jouw relaties?

4. Ben jij een slaaf van de Heer? Wat houdt dat in de praktijk in?

5. Kun je thuis jezelf helemaal zijn? En wat betekent dat voor jou?

6. Hoe draag jij er aan bij dat binnen jouw gezin iedereen rekening met elkaar houdt en voor elkaar zorgt?

7. Vinden de mensen die het dichtst bij jou staan jou een trots of een nederig persoon?

8. Moet jij leren op tijd je mond te houden en onrecht te lijden, of moet jij juist leren op tijd te spreken en onrecht aan de kaak te stellen?

9. Wat is de beste manier om één van jouw gezinsleden te confronteren met zijn of haar gedrag?

Gespreksvragen bij hoofdstuk 8:
Laat me minder controleren / Verlies de grip op je zekerheden

 

1. Kun je je een moment herinneren dat je ingreep op een situatie en daarmee inging tegen Gods wil?

2. Heb je wel eens meegemaakt dat je bad voor een nare situatie en dat alles toch weer op zijn pootjes terecht kwam?

3. Geloof je dat God alles in de hand heeft? Zo ja, waar blijkt dat geloofsvertrouwen dan uit in jouw dagelijks leven?

4. Waarom laat God, als Hij van je houdt, slechte omstandigheden toe?

5. Hoe zou het voelen om ieder moment, net als Jezus, te weten wat God van je verwacht? Kun je daar naar toe groeien?

6. Heb jij wel eens goede dingen aan je voorbij laten gaan omdat je bang was de controle te verliezen?

7. Hoe kun je je afhankelijker opstellen ten opzichte van de wil van God?

8. Als je aan de toekomst denkt, wat zie je dan gebeuren? Klopt dat scenario ook, denk je?

9. Kun jij genieten van het heden? Hoe komt dat?

10. Teken de cirkels van invloed (p 134-136) en vul iedere cirkel met voorbeelden uit je eigen leven.

Gespreksvragen bij hoofdstuk 9:
Geef me minder roem / Leven in Gods’ schaduw

 

1. Zou jij beroemd willen zijn?

2. Hoe kun je een beroemdheid in je directe omgeving het beste behandelen?

3. Heb jij het idee dat je wijzer bent geworden door de jaren, of juist het tegenovergestelde?

4. Kan het zijn dat jij ook last hebt van een lichte vorm van het winnaarseffect?

5. Wanneer heb jij je voor het laatst opgelaten gevoeld? Heeft jou dat ook veranderd?

6. Plan nu alvast in hoe jij je lichaam gaat betrekken bij de zangdienst van de komende zondag.

7. Zou jij je beroep en/of bediening beter kunnen uitvoeren als je beroemd werd?

8. Geldt het verbod op teveel vrouwen, goud en paarden alleen voor koningen, of ook voor ons in een overdrachtelijke vorm?

9. Hoe herinner je jezelf aan de noodzaak om bij alles alle eer aan God te geven?

Gespreksvragen bij hoofdstuk 10:
Geef me minder geld / Geven maakt gelukkig

 

1. Weerspiegelen jouw financiën je passie voor Jezus?

2. Hoe kijk jij aan tegen christenen die rijker zijn dan jij?

3. Stel dat God je nu vraagt om al je geld weg te geven. Wat doe je dan? En hoe voel jij je er dan bij?

4. Waarom zijn wij, rijken, in gevaar? Lees ook eens Jacobus 5:1-5.

5. Kijk rond in de ruimte waar je je bevind. Raak verschillende items aan die in het buitenland geproduceerd zijn (denk aan eten, drinken, meubels, kleren) en bid voor de mensen die er aan gewerkt hebben.

6. Kun je minder geld aan andere dingen besteden, door de giften die je geeft?

7. Welke stappen ga je zetten om jouw omgang met geld te veranderen? Wanneer zet je welke stap? Zet het in je agenda.

8. Als je dit boek goed gelezen hebt, weet je dat academisch onderzoek heeft aangetoond dat je karakter verslechterd door twee dingen. Welke twee?

Gespreksvragen bij hoofdstuk 11:
Geef me minder gelijk / Inenting tegen het stelligheidsvirus

 

1. Vind jij het fijn om gelijk te krijgen? Waarom? Hoe voelt dat precies?

2. Ken jij iemand die altijd zijn of haar gelijk probeert te halen?

3. Heb jij wel eens getwijfeld aan je geloof? Wat precies vond je moeilijk om te geloven?

4. Vertellen anderen wel eens wat je verkeerd doet of denkt? Zo niet, hoe komt dat ze dat nooit doen?

5. Hoe snel reageer jij op wat een ander zegt? Ben je wel eens te snel?

6. Wat doet het met je, te weten dat je maar beperkt kunt onthouden, luisteren en redeneren?

7. Geloof je dat er een objectieve waarheid bestaat? In hoeverre kunnen we die kennen, volgens jou?

8. Op pagina 191 worden drie manieren genoemd waarop mensen omgaan met de onbereikbaarheid van de waarheid. Herken jij je in één of meerdere?

9. Welke vragen zul jij aan God stellen, zodra je Hem in de hemel ontmoet?

Gespreksvragen bij hoofdstuk 12:
Geef me meer van U / God ontmoeten op de bodem

 

1. Ga eens een paar minuten dromen over hoe je toekomst zou kunnen zijn.

2. Wat is Gods droom over jouw leven? En hoe verhoudt die droom zich tot jouw antwoord op de vorige vraag?

3. Waarin kunnen christenen verschillen van niet-christenen? Gebruik eventueel de inhoudsopgave van dit boek.

4. Wat heeft het ‘minder worden’ te maken met het liefhebben van Jezus en andere mensen?

5. Wat heeft het ‘minder worden’ te maken met de liefde die je ontvangt van Jezus?

6. Ben je bang voor wat kan gebeuren als je daadwerkelijk minder gaat worden?

7. James Loder zag vóór zijn ongeluk God als een abstract idee. Herken je dat?

2 Reacties

  1. Jouke Janze

    Ik heb het boek gelezen en het schuurde aan alle kanten. Ik wilde weglopen en denken: wat een vervelende vent die Simon. Maar al gauw ontdekte ik dat het mijn eigen hart was die in opstand kwam. Dit boek confronteert je op een liefdevolle manier, blijf lezen. Het heeft me rust en ontspanning gegeven in het leven dat al hectisch genoeg is.

    Antwoord
  2. Anoniem

    Ik heb het boek al mogen ontvangen, ik ben door een paar passages heengegaan voor ik het ga lezen. (Doe ik altijd met een nieuw boek)
    Geen woorden voor wat een bevrijding als je houding zo mag worden.
    V.b. uit het boek, je kunt nog zoveel gepresteerd hebben, zoveel dingen hebben bereikt, door jou en mij dat er mannen en vrouwen de goede weg zijn ingeslagen……..daar gaat het God niet om!
    Als je wereldwijd gaat bekijken…door de eeuwen heen, en wij zouden ons allemaal gaan roemen op datgene….dan is het onze Hemelse Vader “Abba” die zegt….IK doe dit in een oogwenk…
    Ontmoedigend????? NEE!!!!!!
    Ik persoonlijk vind dit een heerlijke gedachtte…waarom?…. God, Heer Jezus, Heilige Geest. Kijkt naar mijn ❤

    Antwoord

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *